12+ | 2015
Amsterdam : Leopold
ISBN 978-90-258-6576-4
FICTIE , 168 p. , €14.99
gebonden
Vind dit boek in je bibliotheek!
waar in de bibliotheek
Lijst boekhandels

Wie ik ben

Emiel De Wild (auteur)

Jeroen is veertien jaar en gaat naar de eerste klas van de middelbare school. Op de eerste dag ontmoet hij Jelmer, een wat saaie en vreemde jongen. Sindsdien klampt Jelmer zich vast aan Jeroen. Die weet niet hoe hij hiermee moet omgaan. Jelmer kleedt zich vreemd en heeft op zijn kamers posters van paarden en zelfs Little Pony-speelgoed. Als Jeroen bevriend raakt met Willem, een stoere en gewone jongen, wil hij zo snel mogelijk van Jelmer af. Maar hoe doe je zoiets? Samen met Willem beginnen ze hem te pesten, te mijden en het leven zuur te maken. Ze denken er niet echt over na. Tot het nieuws komt dat Jelmer zelfmoord heeft gepleegd. Jeroen is helemaal van de kaart. Is hij schuldig aan de dood van Jelmer? Kon Jelmer het niet meer aan? Jeroen probeert gewoon te functioneren, in de hoop dat er niets aan het licht komt van zijn pesterijen. Hij onderneemt ook heel wat stappen om hun daden uit te wissen: de filmpjes die ze maakten over Jelmer worden van het internet gehaald en van alle laptops en gsm’s. Willem, Rico – ook in het clubje pesters – en Jeroen zweren elkaar plechtig dat ze hier nooit over zullen praten. Als deze fase achter de rug is, vindt Jeroen nog steeds geen rust. Het blijft zwaar doorwegen. In de klas wordt er niet zomaar aan voorbijgegaan. De klasleerkracht spoort de leerlingen aan om te praten over Jelmer, over zelfdoding en eventuele motieven. Dat maakt het voor Jeroen nog moeilijker: zijn geweten knaagt en hij weet er geen blijf mee. Uiteindelijk kan hij niet anders dan zijn vader in te lichten. Die houdt het hoofd koel en gaat op zoek naar de consequenties van Jeroens daden.
Jammer genoeg valt het verhaal hier al stil. Met de stelling "je bent niet strafbaar als je iemand pest" is het verhaal eigenlijk uit en is de rest bladvulling. Een echte plot is daarna niet meer aan de orde. Het verhaal krijgt nog een lichte opflakkering door de ontmoeting van Jeroen met de ouders van Jelmer, die hem nog steeds zien als een goede vriend van hun overleden zoon. Ook dit is niet genoeg uitgewerkt en de lezer blijft wat in de kou staan. Het verhaal is weinig gelaagd en groeit niet echt qua opbouw of spanning. Behalve Jeroen zijn de personages niet voldoende uitgewerkt. Het geheel vervalt al gauw tot een doorsnee-pestverhaal, dat uiteindelijk niet kan overtuigen.

Tanja Maes
Pesten | Zelfmoord | Vriendschap | Schuldgevoelens