Meer, meer, méér!
Met z’n stevige bladen, afgeronde hoeken, in het oog springende kleuren en uitnodigende taal vormt dit kleine blokboekje een welkome aanvulling in het aanbod voor jonge peuters. De spreekwoordelijke draad in dit verhaal, die vaak rood is gekleurd, verbindt de illustraties. Daarop is te zien hoe de draad de verschillende dieren ondersteunt bij het zingen, springen, zwemmen, klimmen, dansen en vliegen.
Zoals er over de illustraties is nagedacht – ze zijn helder en eenvoudig– zo is dat ook wat betreft de taal. Slechts een paar juist gekozen woorden, vaak met aandacht voor ongedwongen rijm, beantwoorden de steeds weerkerende vraag ‘Zullen we …?’ Zo betrekken ze tekens weer de jonge kijker en luisteraar bij het interactieve gebeuren. Wie hoopt dat ‘Zullen we nu gaan slapen?’ een rustig slot inleidt, mag zich laten verrassen door een hilarische reactie. En misschien denkt de leeuw op de laatste prent daar anders over, maar hoogstwaarschijnlijk wordt er enthousiast gereageerd op de vraag ‘En zullen we dan alles nog een keer? Jawel ‘Dansen, klimmen, springen, weer, weer, wéér!
Vliegen, zwemmen, zingen, meer, meer, méér!