9+ | 2019
De Eenhoorn
ISBN 9789462913790
FICTIE , 142 p. , €18.95
gekartonneerd
Vind dit boek in je bibliotheek!
waar in de bibliotheek
Lijst boekhandels
tweedehands boeken

Het geheim van de Vlaamse Meesters

Maartje van der Laak (auteur) Ann de Bode (illustrator)

De opa van Arthur en Emma moet naar het rusthuis verhuizen. Zijn beginnende dementie laat hem niet meer toe alleen te wonen. Tijdens een opruimactie van de spullen van opa ontdekken ze zijn dagboek. Als eerste zin staat er ‘Hoe ik op de regenboog naar de andere kant vloog’. Ze schrikken zich een hoedje. Deze zin ratelt hun verwarde opa de laatste tijd nogal vaak af. Heeft deze zin dan toch een betekenis? En wat heeft hun opa te maken met het geheim van de Vlaamse Meesters? Ze trekken samen naar opa’s vroegere werkplek, het museum. Daar start het begin van een vreemd en wervelend avontuur.
De rode draad van het verhaal houdt je aan het lezen. Emma en Arthur worden in een schilderij gezogen en ontdekken zo meer over kunstwerk en kunstenaar. Ze kunnen zich echter ook verplaatsen naar een werk van een andere Vlaamse Meester. Boeiend en knap gevonden. Maar al snel worden ze toch ‘eruit gehaald’. De museumdirecteur achtervolgt hen en wil het geheim van de Vlaamse Meesters onthullen aan de buitenwereld, iets wat zeker niet mag gebeuren. De museumdirecteur blijft achter in het schilderij.
Dit is een fijn boekje dat jonge lezers wat bijbrengt over de Vlaamse Meesters en hun kunstwerken. Interessante achtergrond en ook heel leuke weetjes. Weet jij bijvoorbeeld wie van de Vlaamse meesters ‘Den Drol’ als bijnaam had? Ik ga het je alvast niet verklappen. Regelmatig wordt er ingezoomd op een detail van een schilderij. In het boek krijg je een zwart-wit afdruk, maar achteraan kan je de schilderijen in kleur bewonderen. Je verwondert je over zoveel betekenis en ontdekt kleine details. De jeugdige lezer zal bij een volgend museumbezoek met een heel ander oog naar schilderijen kijken. Ann De Bode verzorgde op een aangename en puike manier kaft en tekeningen binnenin.
Het is geschreven voor elfjarigen. Jonger kan zeker ook, de schrijfstijl is vrij eenvoudig.  Ook de rol van de museumdirecteur die de slechterik moet ‘spelen’ is nogal stereotiep en weinig creatief verteld. Laat dat de pret wel niet derven. Het heeft zeker zijn waarde. En met binnenkort de jeugdboekenmaand die dit jaar — 2020 — als thema ‘Kunst’ heeft, is het heel bruikbaar in de klas.

 

Elke Verhulst
Kunst | Vlaamse Meesters