13+ | 2005
Leuven : Davidsfonds/Infodok
ISBN 90-5908-148-X
FICTIE , 195 p. , €16
gebonden
Vind dit boek in je bibliotheek!
waar in de bibliotheek
Lijst boekhandels

De klokkenluider van de Notre-Dame

naar Victor Hugo
Ed Franck (auteur)

Het boek waarop dit verhaal gebaseerd is heet ‘Notre-Dame de Paris’, wat beter past bij de inhoud ervan. Want Quasimodo, de misvormde klokkenluider, is slechts één van de hoofdrolspelers in dit boeiende, romantische verhaal. Minstens even belangrijk zijn Esmeralda, het zigeunermeisje, en Claude Frollo, de griezelige aartsdiaken. Het gaat in dit boek om gebruik en misbruik van macht, om hartstocht en liefde, om de scherpe tegenstelling tussen arm en rijk. Tevens wordt het Parijs uit de jaren 1480 plastisch geschetst: de stegen en de betere wijken komen echt tot leven. Het was een tijd van vooroordelen en heksenprocessen maar ook van de uitvinding van de boekdrukkunst. Naast personages speelt de kathedraal Notre-Dame een hoofdrol in dit verhaal. In haar torens en op haar daken wordt meer geleefd dan je zou voor mogelijk houden. Er zitten uiteraard een hoop toevalligheden in het verhaal zoals de kluizenares die treurt om haar gestolen dochtertje (Esmeralda) en die er een mismaakt jongetje (Quasimodo) voor in de plaats kreeg. Alledrie zitten ze gedurende het hele verhaal heel dicht bij elkaar zonder elkaar te herkennen. Helemaal op het eind komen moeder en dochter slechts voor even bij elkaar. Het verhaal eindigt niet in een happy end, alle protagonisten zijn dood maar de mooiste dood is die van Quasimodo. De lezer krijgt heel wat achtergrond bij dit mooie verhaal en dit vormt boeiende lectuur. In een kort voorwoord zegt Victor Hugo dat het woord NOODLOT, gegrift in een muur van de kathedraal hem inspireerde tot het verhaal. In dit verhaal vind je tragiek, humor en sociale bewogenheid. Uit het nawoord van de bewerker leer je dat Victor Hugo eerder een paternalistische visie had op sociale betrokkenheid: "Hij stelde zich op als ‘de wijze grootvader’ die het gewone volk zag als ‘de armen’, te verdelen in verloederde schurken enerzijds en trouwe huisknechten anderzijds. Alleen liefdadigheid vanwege de rijken met een goed hart kon hen volgens hem helpen." In dit nawoord schetst Ed Franck niet alleen de achtergrond van de auteur en de tijdgeest maar verantwoordt hij ook de ingrepen die hij uitvoerde om het verhaal hedendaagser te maken. Een heel mooi verhaal, een degelijke bewerking maar wat jammer van de oerlelijke omslagillustratie.

Annie Beullens
Gehandicapten | Klassiekers | Liefde | 15de eeuw | Zigeuners
uit de reeks: Klassieker